docuproducties Lou Biou. Het feest van de fabelachtige stier beschrijving
Du pays où nulle empreinte
D'homme ni cheval ne fut jamais gravée,
Du désert humide de fondrières et de roseaux,
De fanges et de fourrés,
Sort un taureau fabuleux, patageant dans l'eau blafarde,
Tout noir sur l'obscurité du ciel.

Vanuit een land waar mens nog paard
Ooit een spoor naliet
Vanuit de natte woestijn van moeras en riet
Van modder en struikgewas
Verschijnt een fabelachtige stier, stappend in het troebele water,
Gitzwart tegen de donkere lucht


Passage uit Lou Bióu, gedichtenbundel van Folco de Baroncelli, maart 1924

Verborgen tussen de zee en de armen van de Rhône ligt de Camargue. Een onmetelijke vlakte ontstaan uit wind, slib en water, waar wilde stieren en paarden al eeuwen nagenoeg vrij rondzwerven. Hier is de stier de held. Sterker nog, hij wordt aanbeden, met liederen, gedichten, legenden, schilderijen en standbeelden. Hoogtepunt van deze stierencultus is het jaarlijks terugkerende seizoen van de ‘Course Camarguaise’: Zo’n 900 stierenwedstrijden worden georganiseerd in de dorpen en steden in en rond de Camargue. Er vloeit geen druppel stierenbloed.

In Lou Biou worden twee raseteurs gevolgd gedurende hun zoektocht naar eeuwige roem: Benjamin Villard en Sabri Allouani. Raseteurs zijn in het wit geklede atleten, die in de arena in een levens gevaarlijk spel, de scherpe hoorns van de stier voor moeten zien te blijven. Om te winnen moeten ze kleine attributen die tussen de hoorns van de stier zijn vastgebonden zien te bemachtigen. Regelmatig worden raseteurs door de stier op de hoorns genomen. ‘Als je ’s ochtends van huis gaat, weet je niet of je ’s avonds weer heelhuids terug komt’ zegt raseteur Benjamin Villard. Bij de 23-jarige Villard werden de tradities van de ‘Course Camarguaise’ met de paplepel ingegoten. Hij belichaamt daarmee de geërfde en ondubbelzinnige identiteit van de streekbewoner. De huidige kampioen Sabri Allouani is een Algerijn. Als hij weer eens de 1e prijs in ontvangst mag nemen wordt hij regelmatig uitgefloten. Hij denkt dat zijn huidskleur hier mee te maken heeft. In de film bereidt hij zich voor op de climax van het seizoen: als hij zijn derde ‘Grand Slam’ wint is hij de beste raseteur aller tijden.

De hedendaagse gekte rondom de ‘Course Camarguaise’, compleet met disco en lasershow is ontstaan vanuit eeuwenoude tradities. ‘Een dorp zonder stieren verliest zijn ziel en identiteit’ zegt de burgemeester van Baillargues. In de kleinste gehuchten worden, in bestaande of tijdelijk opgebouwde arena’s, spelletjes gedaan, zoals het stierenzwembad en het stierenschuim, zodat jongeren kunnen oefenen om raseteur te worden. ‘Een feest zonder muziek? Tot daar aan toe, maar een feest zonder stieren? ......Ondenkbaar.’ De tradities zijn begin 1900 opnieuw gestalte gegeven door een 19e eeuwse romanticus, dichter en stierenhouder Markies Folco de Baroncelli. Na een ontmoeting met Siouxindianen van het ‘Buffalo Bill Wild Circus’, bedacht hij ‘Le-far-west’. Met name om de Camargue te onderscheiden van de rest van Frankrijk. De stier als tegenhanger van de Franse haan. Zo werd de stierencultus een sleutel om de identiteit van de regio te versterken ten opzichte van het bemoeizuchtige Parijs, de Europese Unie en een steeds verder globaliserende wereld.
De film laat zien hoe de verering van de wilde stier haast mythische proporties aanneemt.
Lou Biou maakt duidelijk dat in dit gebied de identiteit van individu en samenleving wortelen in een allesomvattende passie.

Een film van Jascha de Wilde en Ben Hendriks

© Second skin film i.s.m. Bonanza Films
2009